Posts tonen met het label verlies. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verlies. Alle posts tonen

vrijdag 11 augustus 2023

Erato

Praat met mij, Erato.
Houd me staande en overeind.
Leer me, voor je weer verdwijnt,
de nieuwe letters van haar nieuwe naam,
leid mij als een baken, naar
het venster waardoor zij haar dichter zoekt
en de weg om daar te raken.

Verf barstte van het canvas,
van schilderijen huilend in de regen,
het glas hield mijn al woorden tegen
tot er geen woord meer over was.
Weer zullen wij dolen doorheen een neveldichte winter.
Weer zullen wij in stil duister verloren stemmen zoeken.
Weer zullen wij niets dan lang bevroren dromen vinden.
Weer zullen wij bij dageraad vervloeken,

dat wij onsterfelijk moeten zijn in het weten
dat wij werden afgesneden,
van wat wij broos op handen droegen,
van het tijdloze credo dat ik sprak.
Maar
hoe hou je van het hart
dat om een ander huilde?
Hoe hou je van het hart
dat voor een ander brak?

Praat met mij, Erato.
Houd me staande en overeind.

maandag 15 mei 2023

Dageraad

Laat me vasthouden
met mijn gebroken hart,
gebroken armen,
met mijn gebroken handen.
Laat me vasthouden.
Nog even.

Nog even jouw loslaten voelen.
Bij dageraad mogen de kaarsen uit.
Er liggen bloesemblaadjes op onze tafel.
Je glimlach wandelt door de tuin.
Nog even, dan laat ik de winter los.

donderdag 2 maart 2023

Nevels

Verdwaal jij nog in het nevelige woud van het verleden,
waar wind nu giert langs dode kale takken,
waar eeuwige winters de leugen van lente te pakken
kregen, de daar dolende vos de das om deden?

Verdwaal jij soms in nevels van dat woud
waarin jij je boomhutdroom nog had gebouwd?
Het verlangen te mogen bergen, zo vertrouwd,
ging van oeverloos, naar oeverloos koud,

in arglist, door ranken van gifsumak versmacht.
Slapen onder zonlichtkruinen verworden tot rust- en maanloze nacht.
De plaats die er zichzelf verloor. De tijd die er op zichzelf nog wacht.

Hoor jij, als jij je spiegelbeeld aanschouwt,
je armen in je lege armen houdt,
het huilen van dat verborgen, verlaten woud?


maandag 16 januari 2023

Nachtbloem

Er is een bloem die ’s nachts bloeit. In het kille
witte maanlicht, helder en vol zuurstof. Gitzwart
vouwt haar kroon zich open, kwart voor kwart
na middernacht. Ze ademt lege lucht, in mythische idylle,

laaft zich aan mistroostige regen, de winter ter wille.
Glans van fluweel in ijskristallen waarin mijn hart
weerspiegelt, fluisterend verhaalt  en verstart.
In haar doornen ranken dromen waarin tijden verstillen.

Zij groeit op trappen van bedevaartkerken.
Uitgesleten, gebarsten door pelgrims vermoeid
boete slaand, handen op het hart en niet meer bolwerken

wat zij aan zonden dragen, hun zinnelijk hunkeren verschroeid
aan aardse idolen waarvan ze het voetstuk lieten brandmerken.
Ik plukte haar, beminde haar, verslond haar tot zij was uitgebloeid.    

 

donderdag 15 december 2022

Kaars

Juist als ik denk dat ik je vind, begint het
kwijtraken weer, in het verloren lopen
tussen ongemaaide woordenvelden die wij
alweer vergeten zijn te oogsten.

Mijn schouderblad vangt ruis in het omkijken
naar je afwezigheid en het grijpen
daarnaar, het vasthouden
aan verdwenen, lege handen.

Doorstappen, doorheen dit gemis
dat ik met het bitter
van aarde doorploeg.

Een deur stroef in de hengsels,
onder het kapelpuntdak waar
ik dan toch een kaars mag branden.


(naar Juist als ik denk (...) van Eva Gerlach, stijloefening, schrijfatelier 15/12/22)

woensdag 30 maart 2022

Getij

Ik doof het licht, op het terras, de deur draait dicht, ‘t is
geen fraai gezicht, de lente die weer winter wordt,
de dorre dageraad begint binnenkort
dolen dromen weer
naar tijden dat jij en ik een ogenblik door duinen en door
dansend zand, naar horizon en van hand naar hand, dat wij
staan staren en we vertragen het getij tot de golven gelijk
tijdig wijken voor wat wij wroeten,
in de branding, het vergif uit onze voeten wordt
gespoeld, hoe ik eb en hoe jij vloedt, wat ik zeg
en wat jij voelt, hoe begeerte galoppeert, onbeteugeld, ongedeerd,
hoe jij in duisternis mij leert hoe je liefde tatoeëert, voor
altijd, golfslagenlang getekend op mijn huid, de lijnen
van mijn armen die jou omsluiten, buiten blijft nu buiten,
laat de nacht nu maar verzinnen, het beminnen kan beginnen,
jij zit vanbinnen in
mijn vanbinnen.

woensdag 23 maart 2022

Lucht

Stroperige stilte kleeft in mijn kleren.

Ze drupt uit de leegte van de kamer.

’t Is zuurstof zwoegen,

adem halen,

in de pauzes van verhalen,

in de winters van mijn falen,

in de lucht die vluchtte van ’t verdwalen.

Adem.

De huizenhoge muren die wij bouwen,

tussen liefde en vertrouwen,

tussen held en minotaurus,

tussen mijn warmte en jouw koude

adem.

Verwolk de lucht.

Jouw zuurstof in mijn zucht.

Mijn vleugels maar jouw vlucht.

Ons geradbraakte gerucht.

Adem.

 

 

(Schrijfatelier 23/03/2022)